If You Can’t Be Good, Be Weird, 2016
If You Can’t Be Good, Be Weird bestaat uit vier schilderijen waarin kunstenaar Daan Roukens zijn zoektocht naar de spanningen binnen zijn obsessieve perfectionisme verder verkent. In elk van deze werken heeft hij bewust tape gebruikt in de eerste laag, juist vanwege het risico dat verf eronderdoor zou kunnen lopen. Na deze eerste laag begon hij met het heropbouwen van het patroon zonder tape, door op verschillende plekken op het doek dezelfde of nieuwe kleuren toe te voegen.
Het gedifferentieerde patroon en het gebruik van zwart en wit dwongen hem ertoe het schilderij steeds opnieuw te bewerken. Het is de obsessieve perfectionist in hem die de controle wil behouden, maar juist door het experiment aan te gaan, wordt die cyclus doorbroken. Tijdens het schilderproces liet Roukens het patroon 1 cm zakken, waarmee hij een nieuw ‘vierkant-op-vierkant’-patroon creëerde.
Schilderij #2 volgt dezelfde techniek als het eerste schilderij, maar het oorspronkelijke patroon was tweemaal zo groot, zodat drie verschillende lagen elkaar konden overlappen. Oorspronkelijk vormden schilderij #1 en #1.5 één geheel, maar na een experiment waarbij één helft wit en de andere zwart werd geschilderd, besloot hij ze te scheiden.
Om het experiment verder uit te breiden, voegde Roukens in de laatste lagen olieverf toe in plaats van acryl. Door de transparantie van de olie blijven de onderliggende lagen zichtbaar, waardoor hij opnieuw kan breken met zijn perfectionisme.
Glenfiddich: Experimental Series
2016
Behang en textiel
3.5 x 3.5 x 2.5 m
In opdracht
Ter introductie van Glenfiddich’s nieuwe whisky smaken kreeg Daan Roukens de opdracht om een ervaringsruimte in Amsterdam te ontwerpen als onderdeel van een proeverij. Hij creëerde een ruimte die volledig werd bedekt met zijn schilderij
Dit komt niet alleen tot uiting in het gebruik van contrasterende kleuren en het loslaten van de controle, maar ook op conceptueel niveau. Beide nieuwe smaken zijn ontwikkeld door bewust de traditionele regels van het whisky maken te doorbreken. Dit principe heeft Roukens doorvertaald naar zijn kunst door het schilderij als object zelf te doorbreken. Hij digitaliseerde het canvas en gebruikte het om zowel de ruimte volledig te bekleden als een bijpassend T-shirt te ontwerpen voor de bezoekers om te dragen tijdens de proeverij.
Door het schilderij te transformeren tot behang en textiel, neemt hij de toeschouwer nog verder mee in de beleving van zijn abstracte zelfportretten en de nieuwe smaken.







